Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
.Voorts heeft Fürstenau conservatoir beslag gelegd op inventaris en roerende zaken die in eigendom zijn van Pongers die die zich bevonden in en rondom het bedrijfspand van Pongers.
Rechtbank Overijssel
Pongers B.V. en Fürstenau GmbH sloten een overeenkomst voor sloopwerkzaamheden waarbij Pongers verantwoordelijk was voor uitvoering en Fürstenau voor vergunningen. Na een geschil over vermeende tekortkomingen en milieuschade legde Fürstenau conservatoire beslagen op diverse activa van Pongers ter zekerheid van een vordering van €1.750.000.
Pongers vorderde opheffing van deze beslagen dan wel een lagere zekerheidstelling, stellende dat de vordering te hoog was en de beslagen onnodig en disproportioneel. Fürstenau betwistte dit en stelde dat de schade door milieuverontreiniging en stillegging van werkzaamheden aanzienlijk was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het belang van Pongers bij voortzetting van de bedrijfsvoering zwaarder woog dan het belang van Fürstenau bij zekerheid voor het volledige bedrag. Daarom werden de beslagen onder bepaalde derden opgeheven en de zekerheidstelling vastgesteld op €150.000. De vorderingen van Fürstenau in reconventie, waaronder het opleggen van een sloop-/saneringsplan en dwangsommen, werden afgewezen omdat aansprakelijkheid en schade omvang nog onduidelijk zijn.
De proceskosten werden gecompenseerd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en er werd een dwangsom opgelegd voor het niet nakomen van de opheffingsverplichting.
Uitkomst: Gedeeltelijke opheffing van conservatoire beslagen en vaststelling van zekerheidstelling op €150.000,--, vorderingen in reconventie afgewezen.