ECLI:NL:RBOVE:2014:1134
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet tijdig beslissen op verzoek om informatie volgens de Wet openbaarheid van bestuur
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een boetebeschikking en daarbij verzocht om openbaarmaking van het zaaksoverzicht. Dit verzoek kwalificeerde als een Wob-verzoek om informatie. Verweerder heeft niet tijdig op dit verzoek beslist, terwijl de wettelijke beslistermijn vier weken bedraagt. Eiser heeft verweerder schriftelijk in gebreke gesteld en vervolgens beroep ingesteld wegens het uitblijven van een besluit.
De rechtbank stelde vast dat verweerder de beslissing op het verzoek pas op 14 februari 2013 heeft genomen, maar niet aannemelijk kon maken dat deze beslissing aan eiser was verzonden. Eiser ontkende de ontvangst van het besluit. Verweerder reageerde niet op het verzoek van de rechtbank om bewijs van verzending te leveren. Hierdoor werd aangenomen dat de beslissing niet bekend is gemaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat verweerder binnen twee weken alsnog een besluit moet nemen en aan eiser moet bekendmaken. Tevens werd een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000. Verweerder werd tevens veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen twee weken alsnog een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom.