Op 30 november 2013 heeft verdachte samen met medeverdachten aangevers op straat in Deventer benaderd en om een sigaret gevraagd. Na weigering gaf verdachte een schop aan een van de aangevers, waarna beiden in een portiek werden geduwd en met geweld werden beroofd van sigaretten, portemonnee, sleutelbos en telefoon.
De rechtbank acht bewezen dat verdachte samen met een medeverdachte zich schuldig heeft gemaakt aan afpersing van een aangever door geweld te gebruiken en hem te dwingen tot afgifte van goederen. Verdachte heeft actief deelgenomen aan het geweld en het vasthouden van het slachtoffer, wat medeplegen bevestigt. Voor het tweede tenlastegelegde feit, een soortgelijke diefstal met geweld gericht op een andere aangever, is verdachte vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank houdt rekening met de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte vanwege psychiatrische stoornissen en zwakbegaafdheid, en legt een gedeeltelijk voorwaardelijke gevangenisstraf op van 84 dagen, waarvan 60 dagen voorwaardelijk, en een taakstraf van 180 uur. Daarnaast gelden bijzondere voorwaarden zoals ambulante behandeling, meldplicht en contactverbod met medeverdachten, onder toezicht van de reclassering.
De straf is mede gebaseerd op de ernst van het feit, de impact op het slachtoffer en de samenleving, en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij het belang van behandeling en begeleiding wordt benadrukt om recidive te voorkomen.