Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[verzoeker 1];
,
Rechtbank Overijssel
Verzoekers dienden op 21 maart 2014 een wrakingsverzoek in tegen mrs. Bottenberg-van Ommeren, Hangelbroek en Van der Veer, rechters belast met de behandeling van een civiele zaak tussen verzoekers en de gemeente Borne. Het verzoek betrof vermeende partijdigheid en schending van het recht op een onpartijdige rechter, onder meer vanwege het uitblijven van een eindvonnis en het verwijzen naar een parkeerrol.
De wrakingskamer behandelde het verzoek op 3 april 2014 in het openbaar, waarbij verzoekers werden gehoord. De rechters ontkenden elke partijdigheid en stelden dat het wrakingsverzoek feitelijk gericht was tegen de inhoud van een tussenvonnis, wat geen grond voor wraking vormt.
De rechtbank overwoog dat de rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn en dat concrete feiten of omstandigheden die objectief de vrees voor partijdigheid rechtvaardigen, ontbraken. Ook het lidmaatschap van mr. Hangelbroek in een wrakingskamer in een gerelateerde bestuursrechtelijke procedure werd niet als grond voor wraking gezien.
Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen. De beslissing werd op 16 april 2014 in het openbaar uitgesproken door mrs. Van Eerden, Van Aerde en Zweers.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters is afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor partijdigheid.