Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling.
2.De feiten
Een eventuele betaling van het voorschot (€ 250.000) ter zake van de boete zal in de boedel vallen en ten goede komen aan de boedelcrediteuren (salaris curator) en eventueel concurrente schuldeisers in het faillissement van Mercator Projecten. Tot deze concurrente schuldeisers behoren [A] Vastgoed Beheer en [B] Vastgoed. Voorts zijn er nog andere concurrente schuldeisers, waaronder de besloten vennootschap Est! Vastgoed B.V. voor een bedrag van ongeveer € 240.000.
3.Het geschil
4.De beoordeling
Er is op dit moment in het geheel geen zicht op de intercompanyschulden van [A] en Zonen Beheer en de groep waar zij onderdeel uitmaakt. Daarnaast gaat [A] Vastgoed Beheer ervan uit dat de onroerend goed-portefeuille van [A] en Zonen Beheer tegen executiewaarde zal worden verkocht. Volgens Rabobank Vaart- en Vechtstreek valt dat nog te bezien: zij wijst erop dat het in faillissementen met (omvangrijke) onroerend goed‑portefeuilles in de boedel niet ongebruikelijk is om onroerend goed onderhands te verkopen en aldus een hogere opbrengst te realiseren. Slechts een onderzoek door een curator levert voldoende gedegen informatie op omtrent de waarde van de activa van [A] en Zonen Beheer. Daarnaast valt niet uit te sluiten dat, onder druk van de faillissementsaanvraag, alsnog het arrest van 28 augustus 2013 behoorlijk zal worden nagekomen.
en ondanks de door de rechtbank te maken afwegingwelke immers ook kan leiden tot afwijzing van de faillissementsaanvraag, onrechtmatig jegens derden (in dit geval [A] Vastgoed Beheer c.s.) handelt c.q. dat sprake is van bijzondere spoedeisende omstandigheden waaruit volgt dat voorkomen moet worden dat de rechtbank een oordeel geeft over de gegrondheid van het faillissementsverzoek.
816,00