Abvakabo FNV plaatste een pagodetent naast het gemeentehuis van Steenwijkerland als tijdelijk Actiecentrum voor een demonstratie ter ondersteuning van thuiszorgmedewerkers. De gemeente verleende aanvankelijk een standplaatsvergunning, maar weigerde verdere verlenging omdat de tent langer dan vier weken stond en daarmee als bouwwerk vergunningplichtig werd.
De gemeente legde een last onder dwangsom op voor het niet verwijderen van de tent, met een sanctie van €1.000 per week tot maximaal €10.000. Abvakabo FNV maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat de tent vanwege de tijdelijke aard niet als bouwwerk bedoeld is om ter plekke te functioneren en dat de gemeente onvoldoende heeft onderzocht of legalisatie mogelijk was.
Daarnaast was de belangenafweging van de gemeente onvoldoende zorgvuldig, aangezien het belang van Abvakabo FNV bij het behoud van de tent als uitvalsbasis voor haar actie onvoldoende werd meegewogen. Daarom werd het primaire besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar, en werd de gemeente veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.