ECLI:NL:RBOVE:2015:1726
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering tegemoetkoming planschade door oprichting windmolens bevestigd
Eisers, exploitanten van twee windmolens in de gemeente Noordoostpolder, vorderden een tegemoetkoming in planschade nadat een bestemmingsplan het oprichten van windturbines op hun percelen onmogelijk maakte. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders, wees het verzoek af en handhaafde dit besluit na bezwaar.
De rechtbank gaf verweerder de gelegenheid het besluit te herstellen, wat leidde tot een aanvullend besluit dat de motivering van de afwijzing verduidelijkte. Eisers betoogden dat het advies van de SAOZ onvolledig was en dat het overgangsrecht onduidelijk was, maar de rechtbank oordeelde dat het advies voldoende duidelijkheid bood over de betreffende windturbines en dat het ontbreken van een taxatie niet tot een ander oordeel leidt.
De rechtbank stelde vast dat het planologisch nadeel van het niet kunnen oprichten van windmolens wordt gecompenseerd door het planologisch voordeel dat omliggende percelen ook geen windturbines mogen plaatsen, wat de energieopbrengst verhoogt. Dit standpunt werd ondersteund door een aanvullend rapport van eisers.
Op grond hiervan mocht verweerder het advies van de SAOZ volgen en is het beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van tegemoetkoming in planschade wordt ongegrond verklaard.