Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
,
,
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer
5.De beoordeling
€ 4.000,--, waarvan de betaling tot op heden achterwege is gebleven.
Rechtbank Overijssel
Partijen waren 29 jaar gehuwd en gescheiden in 2003. De man was verplicht tot betaling van partneralimentatie, die na 12 jaar wettelijk eindigde op 21 januari 2015. De vrouw verzocht om verlenging van deze termijn met vijftien jaar, stellende dat zij vanwege haar leeftijd, gezondheidsproblemen en afhankelijkheid van het inkomen van de man niet in staat is financieel zelfstandig te zijn.
De rechtbank oordeelde dat de vrouw onvoldoende bijzondere omstandigheden had aangetoond die verlenging rechtvaardigen. Haar medische stellingen, zoals een TIA, waren onvoldoende onderbouwd en haar astma speelde geen rol meer nu zij de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt. Tevens had zij niet voldoende gedaan om financieel zelfstandig te worden, zoals het aanpassen van haar uitgavenpatroon of het verkopen van de woning.
De rechtbank stelde vast dat het wegvallen van de alimentatie een ingrijpende inkomensachteruitgang voor de vrouw betekent, maar dat dit niet voldoende is voor verlenging. De vrouw had ook nagelaten om wettelijke indexering van de alimentatie te vorderen en had geen actie ondernomen om haar vermogen te benutten. Daarom werd het verzoek afgewezen en droeg elke partij zijn eigen proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de onderhoudsverplichting is afgewezen wegens het ontbreken van bijzondere omstandigheden.