ECLI:NL:RBOVE:2015:5713
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Uitleg dictum en bevoegdheid deurwaarder bij executieveiling aandelen
In deze kortgedingprocedure stond de uitleg van een eerder dictum van de rechtbank centraal, waarin was bepaald dat de geëxecuteerde de mogelijkheid heeft om een bod te evenaren na afloop van de inschrijvingstermijn. De deurwaarder, belast met de executieveiling van 717 certificaten van aandelen, ontving een hoger bod van een door de geëxecuteerde gemachtigde, de heer T. De executant betwistte de geldigheid van dit bod omdat het na de inschrijvingstermijn was gedaan en omdat de aandelen na verkoop op naam van T zouden komen te staan, waardoor ze niet langer vatbaar zouden zijn voor executie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bod van T als een bod namens de geëxecuteerde moet worden beschouwd, omdat de geëxecuteerde hem uitdrukkelijk had gemachtigd en de rechtbank deze mogelijkheid ook had geboden. Daarnaast bevestigde de rechter dat de deurwaarder bevoegd is om nadere regels en voorwaarden te stellen bij de veiling, waaronder het uitsluiten van deelbiedingen, om een ordentelijk verloop van de executie te waarborgen.
De executant werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hiermee werd duidelijkheid verschaft over de reikwijdte van de bevoegdheden van de deurwaarder en de geldigheid van biedingen namens de geëxecuteerde in een executieveiling.
Uitkomst: Het bod van de gemachtigde geldt als een geldig bod namens de geëxecuteerde en de deurwaarder mag voorwaarden voor de veiling bepalen.