ECLI:NL:RBOVE:2015:5966
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een schuldenlast van ruim €31.000, waaronder een bedrijfskrediet en een schuld op een creditcard. Zij startte jaren geleden een onderneming met seizoensgebonden werk, waardoor zij in de winter geen inkomen had en haar lening moest verhogen. Na beëindiging van de onderneming in 2008 bleef de schuld openstaan.
Verzoekster gebruikte stelselmatig haar creditcard om in haar levensonderhoud te voorzien, ondanks problematische schulden. ING Bank beëindigde haar creditcard in 2013 en schreef het saldo van haar rekening-courant af, waardoor zij fors in de min kwam te staan. Desondanks bleef zij een nieuwe creditcard gebruiken. Pas in 2014 zocht zij hulp bij de Gemeentelijke Kredietbank.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster niet te goeder trouw was omdat zij ondanks haar problematische schulden bleef lenen en niet tijdig hulp zocht. Haar verweer dat ING Bank fouten maakte, werd niet aannemelijk geacht. De rechtbank wijst het verzoek af op grond van artikel 288 lid 1 sub b van Pro de Faillissementswet.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw.