Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
[slachtoffer 2] .
[slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] te schieten heeft verdachte volgens de officier van justitie voorwaardelijk opzet op de dood van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] gehad. Volgens de officier van justitie is geen sprake geweest van voorbedachte raad, zodat verdachte van dit onderdeel van het onder 1 primair en onder 2 primair ten laste gelegde moet worden vrijgesproken.
9 januari 2016 te Deventer met een vuurwapen meermalen op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft geschoten.
1 primair in de tweede plaats ten laste gelegde en het onder 2 primair in de tweede plaats ten laste gelegde - te weten poging tot doodslag op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] -, wettig en overtuigend is bewezen.
9 januari 2016 heeft gehandeld met voorbedachte raad, zodat verdachte van dit onderdeel vrijgesproken dient te worden.
9 januari 2016 in het bezit is geweest van een vuurwapen met daarin munitie.
4 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
poging tot doodslag;
poging tot doodslag;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie III,en
6.De strafbaarheid van de verdachte
Vrijwillige terugtred
7.De op te leggen straf of maatregel
- een reclasseringsadvies van Reclassering Nederland d.d. 17 februari 2016, opgemaakt door A. Geertsma en
- het uittreksel justitieel documentatieregister d.d. 21 maart 2016.
Op 9 januari 2016 was verdachte dusdanig boos en angstig dat hij zich heeft laten meeslepen door zijn emoties. Verdachte heeft aangegeven spijt te hebben van zijn handelen.
8.De schade van benadeelden
[slachtoffer 1] wordt toegewezen tot een bedrag van € 3.000,-- met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel tot voornoemd bedrag.
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 3 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart bewezen, dat verdachte het onder 1 primair in de tweede plaats, 2 primair in de tweede plaats en 4 tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte onder 1 primair, 2 primair en 4 meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;
schadevergoeding
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van een bedrag van
- veroordeelt de verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;
- legt de
- bepaalt dat als veroordeelde heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als veroordeelde aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het meer gevorderde niet-ontvankelijk;
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van
- veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van een bedrag van
- veroordeelt de verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;
- legt de
- bepaalt dat als veroordeelde heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als veroordeelde aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] voor het meer gevorderde niet-ontvankelijk.
mr. M. van Bruggen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. van Nassau, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 2 mei 2016.