ECLI:NL:RBOVE:2016:2280
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring OM wegens schending procesorde bij valsheid in geschrifte
Verdachte werd verdacht van meervoudige valsheid in geschrifte met betrekking tot gefingeerde facturen over de periode 2003-2007. De officier van justitie bereikte na aanvang van de terechtzitting overeenstemming met de verdediging over een taakstraf, die verdachte inmiddels had uitgevoerd.
De rechtbank overweegt dat volgens het Wetboek van Strafvordering de officier van justitie na aanvang van het onderzoek op de terechtzitting niet meer kan afzien van vervolging zonder uitspraak van de rechter. Door toch een overeenkomst te sluiten en niet-ontvankelijkheid te vorderen, heeft het OM de rechtbank voor een voldongen feit geplaatst en de procesorde geschonden.
Hoewel dit een ernstige verstoring van de rechtsorde is, weegt het gerechtvaardigd vertrouwen van verdachte dat hij niet verder vervolgd zou worden zwaarder. Daarom verklaart de rechtbank het OM niet-ontvankelijk in de vervolging, waardoor de zaak wordt beëindigd zonder inhoudelijke beoordeling van de tenlastelegging.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging wegens strijdige handelwijze na aanvang van de terechtzitting.