ECLI:NL:RBOVE:2016:2958
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing omzettingsverzoek faillissement naar schuldsaneringsregeling ondanks ontbreken minnelijke regeling
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot opheffing van zijn faillissement en gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling. Het faillissement was uitgesproken op eigen aangifte en er was sprake van een negatieve boedel, waardoor geen baten beschikbaar zijn om boedelschulden te voldoen.
De rechtbank oordeelt dat in geval van een negatieve boedel geen verplichting bestaat voor de curator of failliet om een minnelijke regeling te proberen, omdat dit zinloos zou zijn. De curator heeft verklaard dat er geen reële mogelijkheden zijn voor een buitengerechtelijke schuldregeling, wat voldoet aan de wettelijke vereisten.
Verder heeft verzoeker aannemelijk gemaakt dat hij te goeder trouw is geweest in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek en dat hij zich zal inspannen om de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling na te komen. De rechtbank wijst het verzoek daarom toe en stelt de faillissementskosten en het salaris van de curator vast. Tevens benoemt zij een rechter-commissaris en regelt zij de vergoeding en bevoegdheden van de bewindvoerder.
Uitkomst: Het faillissement wordt opgeheven en de schuldsaneringsregeling wordt toegepast ondanks het ontbreken van een poging tot minnelijke regeling.