Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[eiseres 1] ,
[eiseres 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.Wanneer had het AT ingeschakeld moeten worden?
- Aan welke voorwaarden voor het oproepen van een AT was op dat moment (21:40 uur) voldaan? En in hoeverre waren aan die voorwaarden om 21:15 uur nog niet voldaan?
- In het proces-verbaal van bevindingen (pagina’s 0011 e.v. van het rechercheonderzoek, productie bij dagvaarding) wordt de inzet van een AT al eerder geopperd, dus ook al vóór het moment dat door de politie zelf het vuurwapen was gezien. Dit blijkt ook uit de verklaringen van de agenten [H] , [L] , [F] , [X] , [Y] en [B] , en uit de verklaringen van politieonderhandelaar en AT (zie rechercheonderzoek, productie 1 bij dagvaarding).
Wanneer is het AT, al dan niet door middel van een voorwaarschuwing, opgeroepen is.
Valt het moment dat de voorwaarschuwing voor het AT is uitgegaan gelijk met het moment dat het AT ingeschakeld had moeten worden?
4.Wanneer was het AT ter plaatse aanwezig?
5.Was het AT toen compleet?
6.Hoe groot was dit AT?
7.Hoe lang was de aanrijdtijd van dit AT?
8.Wat had het AT gedaan als zij eerder aanwezig was geweest?
5.De beslissing
woensdag 10 augustus 2016.