Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [plaats 1] ,
wonende te [plaats 2] ,
Rechtbank Overijssel
In deze zaak vordert de verhuurder de ontruiming van een recreatiewoning wegens een aanzienlijke huurachterstand en niet-betaalde kosten voor gas, water en licht. De huurovereenkomst is ingegaan op 1 november 2015 met een maandelijkse huur van €600. De huurder heeft slechts een deel van de verschuldigde bedragen betaald, waardoor een betalingsachterstand van duizenden euro's is ontstaan.
De huurder betwist de vordering en stelt onder meer dat hij met roerende goederen ter waarde van €8.000 zou hebben betaald, maar levert hiervoor geen bewijs. De kantonrechter acht dit onvoldoende onderbouwd en concludeert dat de huurder zijn verplichtingen niet is nagekomen. Er is geen uitzicht op betaling van de achterstand.
Gezien de spoedeisendheid en het belang van de verhuurder om de woning opnieuw te verhuren, wordt de ontruiming toegewezen met een termijn van drie dagen na betekening van het vonnis. Tevens wordt de huurder veroordeeld tot betaling van de resterende huurachterstand van €3.650 en kosten gas, water en licht van €1.239, vermeerderd met wettelijke rente. De gevorderde machtiging voor ontruiming met inzet van de sterke arm wordt afgewezen als overbodig.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen drie dagen en betaling van de achterstallige huur en kosten gas, water en licht.