ECLI:NL:RBOVE:2016:5135
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.F. Bijloo
- A. Oosterveld
- S.H. Peper
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugwerkende kracht en vaststelling WAO-uitkering
Eiser ontving sinds 27 februari 2007 een WAO-uitkering, berekend op 35-45% arbeidsongeschiktheid, maar deze werd vanwege inkomsten uit arbeid niet uitbetaald. Na een heronderzoek in verband met invoering van een periodeloonvergelijking per 1 juli 2015 stelde verweerder vast dat de uitkering ten onrechte op nihil was gesteld en dat eiser recht had op een uitkering gebaseerd op 25-35% arbeidsongeschiktheid. Verweerder startte daarom per 1 november 2015 een voorschotbetaling en keerde een nabetaling uit over de periode 27 oktober 2014 tot en met 31 oktober 2015.
Eiser betwistte de terugwerkende kracht en stelde dat relevante informatie al in 2009 bekend was en dat de nabetaling eerder had moeten aanvangen. De rechtbank oordeelde dat het beleid van verweerder, neergelegd in een memo van 17 augustus 2015, een buitenwettelijk, begunstigend beleid betreft dat terughoudend wordt getoetst. Verweerder had terecht aangenomen dat eiser geen melding had gemaakt van inkomensdaling en had het beleid consistent toegepast door een terugwerkende kracht van één jaar toe te passen.
De rechtbank vond geen reden om het besluit van verweerder te vernietigen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het bestreden besluit is ongegrond verklaard.