Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De vordering van de officier van justitie
4.De voorvragen
5.De beoordeling van het bewijs
- er dient te zijn voldaan aan de verplichting in een inventarisatie en evaluatie vast te leggen welke risico’s het schoonmaken van mestsilo’s met zich mee brengt (artikel 5 eerste Pro lid Arbeidsomstandighedenwet);
- indien kan worden vermoed dat de atmosfeer op een plaats of in een ruimte in zodanige mate stoffen bevat dat daardoor gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie bestaat, mag een werknemer zich alleen bevinden op die plaats of in die ruimte, indien er permanent wordt geobserveerd en bij direct gevaar onmiddellijke en doeltreffende hulp kan worden geboden (artikel 3.5g lid 1 Arbeidsomstandighedenbesluit);
- werknemers dienen doeltreffend te zijn ingelicht over de werkzaamheden en de daaraan verbonden risico’s en maatregelen om die risico’s te voorkomen (artikel 8 eerste Pro lid Arbeidsomstandighedenwet);
- er dient te worden toegezien op de naleving van de instructies en voorschriften gericht op het voorkomen of beperken van die risico’s en te worden toegezien op het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (art. 8 lid Pro 4 Arbeidsomstandighedenwet).
- In een mestsilo, waarin mest aanwezig is, moet altijd worden uitgegaan van een situatie met direct levens- of gezondheidsgevaar;
- Bij de werkzaamheden op 19 juni 2013 in Makkinga moest van tevoren worden uitgegaan van een situatie die potentieel levensbedreigend was (het werken in een mestsilo met mest);
- Maatregelen van de werkgever hadden hierop afgestemd moeten worden;
- Met door de werkgever beschikbaar gestelde werkplan ‘Veiligheid voor schoonspuiten/ reinigen mestsilo/mestputten’ geeft onvoldoende houvast voor het veilig uitvoeren van de werkzaamheden in de mestsilo;
- De compressor die de ademlucht moest leveren aan de werknemer in de mestsilo was daarvoor niet bestemd. De kwaliteit van de uitstromende (adem)lucht is niet getoetst aan de NEN-EN 12021. Er heeft geen controle plaatsgevonden op de hoeveelheid lucht die de compressor leverde;
- De verse luchtkap is volgens de gebruiksaanwijzing niet bedoeld om gebruikt te worden bij onafhankelijke adembescherming;
- De ademluchtset leverde veel minder lucht dan de benodigde hoeveelheid lucht. Resultaat is dat de werknemer in de silo de overige benodigde lucht via de gezichtsafdichting van het masker uit de silo heeft gehaald. Daarmee is het mogelijk geweest om zwavelwaterstof in hoge concentraties binnen te krijgen;
- Er was geen doeltreffende noodprocedure;
- Zonder deze tekortkomingen zou het scenario van het scenario van het ongeval zich niet hebben afgespeeld.
wistdat [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] (het verwezenlijkte) gevaar liepen; de rechtbank gaat er van uit dat verdachte vertrouwde op een goede afloop, zij het onterecht. De rechtbank merkt in dat verband op dat wat er zij van de haalbaarheid in praktische dan wel financiële zin van dergelijke maatregelen, zoals bepleit door en namens verdachte, ingeval van het ontbreken van adequate bescherming tegen, en hulpverlening bij, levensgevaarlijke risico’s, geldt dat een werkgever simpelweg dient af te zien van het tewerkstellen en daarmee blootstellen van haar werknemers aan een gevaarlijke arbeidsplaats, zoals een mestsilo.
6.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
7.De strafbaarheid van de verdachte
8.De op te leggen straf of maatregel
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart bewezen, dat verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte primair meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:
- veroordeelt verdachte tot een
- beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat
- veroordeelt verdachte voorts tot een
- bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:
- in een mestsilo, waarin mest aanwezig is, moet altijd worden uitgegaan van een situatie met direct levens- of gezondheidsgevaar;
- bij de werkzaamheden op 19 juni 2013 in Makkinga moest van tevoren worden uitgegaan van een situatie (het werken in een mestsilo met mest) die potentieel levensbedreigend was;
- maatregelen van de werkgever hadden hierop afgestemd moeten worden;
- het door de werkgever beschikbaar gestelde werkplan ‘Veiligheid voor schoonspuiten/reinigen mestsilo/mestputten’ geeft onvoldoende houvast voor het veilig uitvoeren van de werkzaamheden in de mestsilo;
- de compressor die de ademlucht moest leveren aan de werknemer in de mestsilo was daarvoor niet bestemd. De kwaliteit van de uitstromende (adem)lucht is niet getoetst aan de NEN-EN 12021. Er heeft geen controle plaatsgevonden op de hoeveelheid lucht die de compressor leverde;
- De verse luchtkap is volgens de gebruiksaanwijzing niet bedoeld om gebruikt te worden bij onafhankelijke adembescherming;
- De ademluchtset leverde veel minder lucht dan de benodigde hoeveelheid lucht. Resultaat is dat de werknemer in de silo de overige benodigde lucht via de gezichtsafdichting van het masker uit de silo heeft gehaald. Daarmee is het mogelijk geweest om zwavelwaterstof in hoge concentraties binnen te krijgen;
- Er was geen doeltreffende noodprocedure;
- Ernstige tekortkomingen zijn geconstateerd. Zonder deze tekortkomingen zou het scenario van het scenario van het ongeval zich niet hebben afgespeeld.