ECLI:NL:RBOVE:2017:1628
Rechtbank Overijssel
- Beschikking
- J.A.O.M. van Aerde
- Rechtspraak.nl
Opheffing BEM-clausule en machtiging tot opname uit nalatenschap voor levensonderhoud minderjarige kinderen
Verzoekster, moeder van twee minderjarige kinderen, heeft de nalatenschap van haar overleden ex-echtgenoot aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving. De erfenis is gestort op spaarrekeningen met een BEM-clausule, die het vermogen beschermt tot de kinderen meerderjarig zijn. De gemeente Deventer weigerde volledige bijstand toe te kennen vanwege het vermogen van de kinderen en stelde dat verzoekster een machtiging moest vragen om over het vermogen te kunnen beschikken.
Verzoekster vroeg de kantonrechter om te oordelen over het standpunt van de gemeente en om opheffing van de BEM-clausule zodat zij maandelijks een bedrag kon opnemen voor het levensonderhoud van de kinderen. De kantonrechter oordeelde dat alleen het familierechtelijke aspect aan hem toekomt en dat de gemeente haar beslissing moet laten toetsen door de bestuursrechter.
De kantonrechter overwoog dat de BEM-clausule het vermogen van de minderjarige beschermt, maar dat het redelijk is dat het bedrag dat de overleden vader maandelijks aan kinderalimentatie betaalde, nu uit de nalatenschap wordt betaald. Daarom machtigde hij verzoekster om maandelijks €360 op te nemen uit de nalatenschap tot het resterende bedrag €25.000 is, of totdat de kinderen meerderjarig zijn. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep is mogelijk.
Uitkomst: Verzoekster wordt gemachtigd om maandelijks €360 op te nemen uit de nalatenschap voor het levensonderhoud van haar minderjarige kinderen tot een restant van €25.000.