Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
mr. K.J.L. de Valken van wat door verdachte en de raadsman mr. R. van Veen, advocaat te Utrecht, naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
1. Verkoopfactuur van 25-1-2013 van [bedrijf 4] 5.445,= incl. btw,
2. Verkoopfactuur van 30-1-2013 van [bedrijf 4] 6.655,= incl. btw,
3. Verkoopfactuur van 18-2-2013 van [bedrijf 5] 5.997,= incl. btw,
4. Verkoopfactuur van 22-2-2013 van [bedrijf 4] 4.138,= incl. btw,
5. Verkoopfactuur van 14-5-2013 van [bedrijf 6] 18.847,90 incl. btw,
6. Verkoopfactuur van 16-5-2013 van [bedrijf 7] 10.092,61 incl. btw,
7. Verkoopfactuur van 19-6-2013 van [bedrijf 8] 26.368,80 incl. btw
merk Mercedes A-klasse, kenteken [kenteken 1] heeft/hebben vernield)
[valse naam] en/of dat zijn emailadres is, [e-mail 1] , en/of
47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht en/of artikel 94 Wetboek Pro van
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
- behalve de sporen die van verdachte zijn aangetroffen op de aangetroffen jassen en maskers zich geen enkel bewijsmiddel in het dossier bevindt dat verdachte rechtstreeks in verband brengt met de ontploffing;
- de overige voor verdachte belastende omstandigheden uitsluitend de status hebben van ‘circumstancial evidence’ en als zodanig geen redengevend bewijs kunnen opleveren voor het ten laste gelegde;
- de resultaten van het uitgevoerde forensisch onderzoek niet relevant zijn, omdat niet vastgesteld kan worden dat de wegrennende personen - de waarschijnlijke daders - de jassen de maskers hebben achtergelaten in de tuin van de [straat] en dat er meer omstandigheden zijn die er op wijzen dat de jassen en maskers daar reeds lagen voordat de explosie plaatsvond;
- er geen voor het bewijs bruikbaar motief is vast te stellen en dat daarnaast ook geen sprake is van voor het bewijs bruikbare leugenachtige verklaringen, terwijl sprake is van een alternatief scenario dat wordt ondersteund door de omstandigheden (zoals weergegeven in het pleidooi).
- (primair ad 1a) de door verdachte ter terechtzitting afgelegde verklaring niet wordt weersproken door het beschikbare bewijsmateriaal en dat de videobeelden de mogelijkheid openlaten dat de laptop en de envelop met geld op een eerder tijdstip door een ander dan verdachte zijn weggenomen;
- (subsidiair ad 1a) als omzetschade een bedrag van € 1.000,-- is uitgekeerd;
- (ad 1c) niet bewezen kan worden dat verdachte de aangifte van brandstichting en de schadeclaim in strijd met de waarheid heeft gedaan.
5 ten laste gelegde wegens gebrek aan bewijs. Primair ontbreekt het bewijs voor betrokkenheid van verdachte en subsidiair blijkt niet dat er iets uit de auto is weggnomen. De verdediging heeft meer subsidiair aangevoerd dat uit de bewijsmiddelen niet blijkt van een zodanige betrokkenheid van verdachte dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking ten aanzien van het wegnemen van een goed uit de in beslag genomen auto..
26 augustus 2016 om de uitkomsten van het DNA- en dactyloscopisch onderzoek te combineren. In dit IDFO-rapport zijn de conclusies van de deskundigen van de verschillende onderzoeken samengebracht. Het NFI heeft op 22 maart 2017 een verbeterde versie uitgebracht van voornoemd IDFO-rapport.
nade brand in de tuin zijn gegooid. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake, aangezien de verklaring van de getuige [getuige 3] de mogelijkheid openlaat dat de jassen en maskers al op 2 maart 2014, dus voor de brand, in de tuin zijn achtergelaten. Het vorenstaande geeft de rechtbank voldoende reden tot twijfel aan de juistheid van de veronderstelling dat die jassen en maskers door de feitelijke daders van de brand/ontploffing zijn achtergelaten.
[slachtoffer 2] (feit 2 subsidiair).
,waardoor hij veel pijn op zijn voorhoofd had, tussen zijn ogen. Hij had last van zijn neus en zijn gezicht was links en rechts opgezwollen.
,dat verdachte een momentsleutel had en dat [medeverdachte 2] aan de kant van [slachtoffer 1] stond, dat [slachtoffer 1] werd geslagen en geschopt door [medeverdachte 2] .
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
[benadeelde 2] , met telkens tevens oplegging van de schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 36f Sr voor de door hen gevorderde bedragen.
[benadeelde 1] en [benadeelde 2] niet-ontvankelijk te verklaren in hun vordering in verband met de bepleite vrijspraak van verdachte.
9.De vordering tenuitvoerlegging
1 maand, met een proeftijd van 2 jaar.
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
- verklaart bewezen dat verdachte het in de zaak met parketnummer 08/770122-14 onder 1, 2, 3 en 4 ten laste gelegde, het in de zaak met parketnummer 08/730921-13 onder 1 subsidiair en 2 subsidiair ten laste gelegde, alsmede het in de zaak met parketnummer 08/100694-14 onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte in de zaak met parketnummer 08/770122-14 onder 1, 2, 3 en 4 5, in de zaak met parketnummer 08/730921-13 onder 1 subsidiair en 2 subsidiair en in de zaak met parketnummer 08/100694-14 onder 1 en 2 meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
Parketnummer 08/770122-14:
feit 3: medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan
een ander toebehoort, vernielen en onbruikbaar maken
feit 4: opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod
feit 1 subsidiair en feit 2 subsidiair telkens: openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen
- feit 1: mishandeling
- feit 2: opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod
trafbaarheid verdachte
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd die de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;
schadevergoeding
- bepaalt dat de benadeelde partij [bedrijf 12] B.V. in het geheel niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde 1] in het geheel niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde 2] in het geheel niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
Inzake parketnummer 08/730921-13
- bepaalt dat de benadeelde partij [naam 1] in het geheel niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van een bedrag van
- veroordeelt verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij [slachtoffer 2] gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;
- legt de
- bepaalt dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als verdachte aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de Politierechter te Arnhem van 7 maart 2013 met parketnummer 08/680024-12 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
een maand.
mr. M. van Bruggen, rechters, in tegenwoordigheid van H. Kamp, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 20 april 2017.
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 17 augustus 2012 gesloten proces-verbaal aangifte (zaak 1, dossierpagina 21-22), voorzover inhoudende als verklaring van aangever [verdachte] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 17 september 2012 gesloten proces-verbaal van bevindingen (zaak 1, dossierpagina 26-27), voorzover inhoudende als relaas van verbalisant:
Een geschrift, te weten een schade-aangifteformulier d.d. 29-07-2012 (zaak 1, dossierpagina 28-29), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief d.d. 21-9-2012 van [naam 4] namens Delta Lloyd aan de heer [naam 3] (zaak 1, dossierpagina 32), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief d.d. 21-09-2012 van Delta Lloyd Schadeverzekering NV aan [bedrijf 1] (zaak 1, dossierpagina 34), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een brief d.d. 21-09-2012 van Delta Lloyd Schadeverzekering NV aan [bedrijf 1] (zaak 1, dossierpagina 35), voorzover inhoudende:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 5 juni 2014 gesloten proces-verbaal aangifte (zaak 1, dossierpagina 36-38), voorzover inhoudende als verklaring van aangever [naam 6] namens Delta Lloyd:
1. op 29 juli 2012 werd er door onbekende daders s’ nachts een fiets door de ruit van
2. Op 8 mei 2013 is er ten gevolge van een kortsluiting in de elektrische bedrading
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant] en [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 3 april 2014 gesloten proces-verbaal van bevindingen (zaak 1, dossierpagina 39-40), voorzover inhoudende als relaas van verbalisanten:
1. Op 29 juli 2012 werd er door een onbekende dader s’nachts een fiets door de
2. Op 09 mei 2013 is er ten gevolge van een kortsluiting in de elektrische
Een geschrift, te weten een kopie-factuur d.d. 19 juni 2013 van LEQ Relame & Druk (zaak 2, dossierpagina 46), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een kopie-factuur d.d. 16 mei 2013 van [bedrijf 3] (zaak 2, dossierpagina 47), voorzover inhoudende:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] d.d. 10 oktober 2014 in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen (zaak 2, dossierpagina 55-56), voorzover inhoudende als relaas van verbalisant:
Een geschrift, te weten een kopie van een Eindverslag van Expertise d.d. 5 december 2013 opgemaakt door DEKRA Expertise B.V. (zaak 2, dossierpagina 57-59), voorzover inhoudende:
____________
Een geschrift, te weten een kopie van een Eindverslag van Expertise d.d. 11 juni 2013 opgemaakt door DEKRA Expertise B.V., (zaak 2, dossierpagina 60-62), voorzover inhoudende:
___________
___________
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 1 april 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 2, dossierpagina 63), voorzover inhoudende als verklaring van getuige R. den Boer:
Een geschrift, te weten een kopie van een blanco factuur van [bedrijf 2] (zaak 2, dossierpagina 65), voorzover inhoudende:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 6 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor aangifte (zaak 3, dossierpagina 128-130), voorzover inhoudende als verklaring van aangever H.H. Schror:
1. Verkoopfactuur van 25-01-2013 van [bedrijf 4] 5.445,- incl. btw
2. Verkoopfactuur van 30-01-2013 van [bedrijf 4] 6.655,- incl. btw
3. Verkoopfactuur van 18-02-2013 van [bedrijf 5] 5.997- incl. btw
4. Verkoopfactuur van 22-02-2013 van [bedrijf 4] 4.138,- incl. btw
5. Verkoopfactuur van 14-05-2013 van [bedrijf 6] 18.847,90,- mcl. btw
6. Verkoopfactuur van 16-05-2013 van [bedrijf 7] 10.092,61,- mcl. btw
7. Verkoopfactuur van 19-06-2013 van [bedrijf 8] 26.368,80 mcl. btw
- de kassabonnen in een plastic zak,
- de inkoopfacturen ( [bedrijf 15] ) in een ordner,
- de facturen van Thuisbezorgd zijn via de mail verstuurd en vervolgens door [naam 9] geprint,
- de facturen 1 t/m 4 zijn via de iphone van belastingplichtige verstuurd, [naam 9] ontving een app met daarin een foto van de factuur, [naam 9] verstuurde het bericht naar zijn computer
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 25 januari 2013 van Wijnhandel [bedrijf 4] (zaak 3, dossierpagina 13), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 30 januari 2013 van Wijnhandel [bedrijf 4] (zaak 3, dossierpagina 132), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 18-02-2013 van [bedrijf 5] (zaak 3, dossierpagina 133), voorzover inhoudende:
3 stuks TGB Delivery incl. DRAGER/HELM € 1.999 € 5.997 21%
3 stuks Dragerconstructies
3 stuks Helmen
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 21 februari 2013 van Wijnhandel [bedrijf 4] (zaak 3, dossierpagina 134), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 14 mei 2013 van [bedrijf 6] BV technische installaties (zaak 3, dossierpagina 146), voorzover inhoudende:
70 Elektrotechnische installatie € 15.576.78
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 16 mei 2013 van [bedrijf 7] ( zaak 3, dossierpagina 135), voorzover inhoudende:
Een geschrift, te weten een kopie-verkoopfactuur d.d. 19-6-2013 van [bedrijf 8] (zaak 3, dossierpagina 136), voorzover inhoudende:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 12 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 3, dossierpagina 140), voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 8] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 13 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 3, dossierpagina 145), voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 9] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 24 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 3, dossierpagina 154), voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 10] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 3 april 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 3, dossierpagina 158), voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 11] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 29 april 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige (zaak 3, dossierpagina 162), voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 12] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] d.d. 23 mei 2014 in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen (zaak 3, dossierpagina 170), voorzover inhoudende als relaas van verbalisant:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 9 juli 2014 gesloten proces-verbaal van bevindingen (zaak 4, dossierpagina 175-176), voorzover inhoudende als relaas van verbalisant:
De als bijlage bij voornoemd proces-verbaal behorende screenshots behorende bij een film, afkomstig van voornoemde laptop die op 11 juni 2014 tijdens de doorzoeking van de woning [adres 12] is aangetroffen (zaak 4, dossierpagina 177-180), voorzover inhoudende als waarneming door de rechtbank:
Een geschrift, te weten een kopie-huurovereenkomst d.d. 5-3-2014 van [bedrijf 10] RENT-A-CAR ( zaak 4, dossierpagina 181), voorzover inhoudende:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 27 augustus 2014 gesloten proces-verbaal van bevindingen (zaak 4, dossierpagina 185) voorzover inhoudende als relaas van verbalisant:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant] en [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 28 augustus 2014 gesloten proces-verbaal van verhoor verdachte (proces-verbaalnummer 209, dossierpagina 232-239), voorzover inhoudende als verklaring van verdachte:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 28 augustus 2014 gesloten proces-verbaal van verhoor verdachte proces-verbaalnummer 211, dossierpagina 260-265), voorzover inhoudende als verklaring van verdachte:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 15 oktober 2013 gesloten proces-verbaal aangifte, zaaksdossier ZD1, dossierpagina 100-101, voorzover inhoudende als verklaring van aangever [slachtoffer 1] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 23 oktober 2013 gesloten proces-verbaal verhoor aangever, zaaksdossier ZD1, dossierpagina 111-114, voorzover inhoudende als verklaring van aangever [slachtoffer 2] :
6 à 7 jongens wegrenden en wegreden in een witte VW Polo waarvan het kenteken begon met 79 en een witte VW Polo voorzien van reclame van schadebedrijf [bedrijf 9] , [bedrijf 20] . Die [medeverdachte 1] was hier ook bij (…)
Ik heb nog steeds pijn aan mijn linker ribbenkast. Ik denk dat mijn ribben zwaar gekneusd zijn. Vorige week woensdag of donderdag ben ik naar het ziekenhuis in Zwolle geweest omdat ik erg veel pijn had aan mijn ribbenkast en gezicht. Ze hebben mij onderzocht, maar ik had niets gebroken. Ik ben hierna bij mijn huisarts geweest (…)”
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 15 oktober 2013 gesloten proces-verbaal verhoor getuige, zaaksdossier ZD1, dossierpagina 119-120, voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 5] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 15 oktober 2013 gesloten proces-verbaal verhoor getuige, zaaksdossier ZD1, dossierpagina 121-122, voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 6] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 16 oktober 2013 gesloten proces-verbaal verhoor verdachte, zaaksdossier PD [verdachte] , dossierpagina 027-031, voorzover inhoudende als verklaring van verdachte [verdachte] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 9 maart 2014 gesloten proces-verbaal aangifte, dossierpagina 3-4, voorzover inhoudende als verklaring van aangever [slachtoffer 3] :
De als bijlage van voornoemd proces-verbaal deel uitmakende foto op dossierpagina 5,waarop waarop het voorhoofd van aangever staat afgebeeld en voorzover inhoudende als waarneming door de rechtbank:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 14 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor getuige, dossierpagina 13-14, voorzover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 7] :
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant] en [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 9 maart 2014 gesloten proces-verbaal aanhouding, dossierpagina 22-24, voorzover inhoudende als relaas van verbalisanten:
Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 9 maart 2014 gesloten proces-verbaal verhoor verdachte, dossierpagina 27-29, voorzover inhoudende als verklaring van verdachte: