Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[belanghebbende 1] ,
[belanghebbende 2],
1.De procedure
- het verzoekschrift van 9 augustus 2017,
- de mondelinge behandeling gehouden op 11 augustus 2017.
Rechtbank Overijssel
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Overijssel op 11 augustus 2017 een beschikking gegeven waarin de termijn genoemd in artikel 439 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is verkort tot nihil. Dit betekent dat de termijn om binnen twee dagen aan de executoriale titel te voldoen, komt te vervallen. De reden voor deze verkorting is de vrees voor verduistering van de executoriale titel, waardoor direct beslag gelegd kan worden zonder de gebruikelijke termijn.
De procedure bestond uit het verzoekschrift van 9 augustus 2017 en een mondelinge behandeling op 11 augustus 2017. De voorzieningenrechter verwees tevens naar een gelijktijdig uitgesproken vonnis in een kort geding tussen dezelfde partijen, waarin de onderliggende feiten en stellingen nader zijn behandeld.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek gegrond is op de wet en niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. De beschikking maakt het mogelijk om sneller over te gaan tot executoriaal beslag, wat in dit geval noodzakelijk werd geacht vanwege het risico dat de executoriale titel zou kunnen worden verduisterd.
Deze beschikking is openbaar uitgesproken en vormt een belangrijke stap in de executieprocedure, waarbij het belang van snelle beslaglegging zwaarder weegt dan de gebruikelijke termijnbescherming voor de wederpartij.
Uitkomst: De termijn ex artikel 439 lid 1 Rv is op nihil gesteld vanwege vrees voor verduistering, waardoor direct executoriaal beslag kan worden gelegd.