Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[verzoeker] ,
Het procesverloop
De beoordeling
€ 29.548,59. De schulden zijn ontstaan in de periode van 2010 tot en met 2014.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde het verzoek van een alleenstaande man van 35 jaar die een wettelijke schuldsaneringsregeling wilde aanvragen vanwege een schuldenlast van bijna €30.000, ontstaan tussen 2010 en 2014. De schulden zijn het gevolg van een depressie en verslaving, waarbij de verzoeker psychisch niet in staat was zijn financiën te beheren. Hij ontvangt een uitkering en verricht vrijwilligerswerk. Sinds 2014 staat hij onder beschermingsbewind.
Ter zitting verklaarde de verzoeker dat hij recent zijn EMDR-therapie had afgerond en nu coaching ontvangt vanwege ADHD-uitspattingen. De beschermingsbewindvoerder en maatschappelijk werkster bevestigden een verbetering, maar stelden dat er nog werk aan de winkel is. De rechtbank oordeelde dat de psychische situatie nog onvoldoende stabiel is om te voldoen aan de verplichtingen van de schuldsaneringsregeling, zoals het informeren van de bewindvoerder en het sparen van geld voor schuldeisers.
De rechtbank wees het verzoek af op grond van artikel 288 lid 1 sub c van Pro de Faillissementswet, omdat toelating nu zou leiden tot een risico op tussentijdse beëindiging en een tienjarige uitsluiting van de regeling. De verzoeker kan een nieuw verzoek indienen zodra hij zijn psychische problemen beter onder controle heeft en aan de verplichtingen kan voldoen.
Het vonnis werd uitgesproken door mr. J.M. Marsman op 27 maart 2017 te Zwolle. De verzoeker heeft acht dagen om hoger beroep in te stellen bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende stabiele psychische situatie.