Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van de vrouw.
Rechtbank Overijssel
Partijen zijn tot 3 mei 2011 in gemeenschap van goederen gehuwd geweest en zijn inmiddels gescheiden. Zij zijn ieder voor de helft eigenaar van de woning waarop een aflossingsvrije hypotheek van €161.000 rust. De woning wordt bewoond door de man, die ook de hypotheeklasten draagt.
De man vordert dat de vrouw wordt veroordeeld mee te werken aan de notariële levering van haar aandeel in de woning aan hem, zonder dat zij vergoeding hoeft te betalen voor de onderwaarde. Tevens wordt een dwangsom geëist voor het geval zij niet meewerkt. Tijdens de zitting bereiken partijen een volledige overeenkomst over de verdeling van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap, inclusief afspraken over pensioenrechten en inboedel.
De voorzieningenrechter veroordeelt de vrouw mee te werken aan de levering onder de voorwaarde dat zij wordt ontslagen van hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek en zonder vergoeding van onderwaarde. Indien zij weigert, treedt het vonnis in de plaats van haar medewerking. De inboedel wordt verdeeld en de kosten van de procedure worden door partijen ieder zelf gedragen.
Uitkomst: De vrouw is veroordeeld mee te werken aan de levering van haar aandeel in de woning aan de man zonder vergoeding van onderwaarde en onder ontslag van hoofdelijke aansprakelijkheid.