Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het verdere verloop van de procedure
2.De feiten
“Tijdelijk huurcontract voor het tijdelijk (ver)huren van een kamer of woning”. In artikel 2 van Pro dit contract is onder meer vermeld:
3.Het geschil
4.De verdere beoordeling
‘tijdelijk huurcontract’, de daarin vastgelegde duur van één jaar en het aankruisen van de vermelding van
‘dat verhuurder verhuurt (…) tijdelijk (…) om de woning na terugkeer weer zelf te gaan bewonen’. Onweersproken is voorts dat [gedaagde] het appartement gedeeltelijk gemeubileerd ter beschikking heeft gesteld en aldus een gedeelte van zijn inboedel heeft achtergelaten. Daarnaast is onomstreden dat [gedaagde] met medeweten en medewerking van [eiser] het adres van het appartement is blijven gebruiken als postadres.