Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
personen en/of met dat vuurwapen heeft/hebben gezwaaid en/of
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De vordering tenuitvoerlegging
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren;
hoofdelijktot betaling aan de benadeelde partij
[benadeelde]van een bedrag van
€ 868,65 (zegge: achthonderdachtenzestig euro en vijfenzestig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 december 2017 over het bedrag van
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van de bewezenverklaarde feiten tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 868,65 (zegge: achthonderdachtenzestig euro en vijfenzestig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 december 2017 over het bedrag van € 850,- en vanaf 19 april 2018 over het bedrag van € 18,65, ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van
17 dagenzal worden toegepast, een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van het Hof Arnhem-Leeuwarden van 28 juni 2017 met parketnummer 21/006764-16 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) weken.