Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- een productie aan de zijde van de man
- de (voorwaardelijke) eis in reconventie
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van de vrouw.
Rechtbank Overijssel
Partijen hadden een affectieve relatie en sloten een samenlevingsovereenkomst die op 1 januari 2018 werd ontbonden. Zij zijn ieder voor de helft eigenaar van de woning, die belast is met een hypotheek. De vrouw woont met haar kinderen in de woning en wil deze overnemen. De man stemt in met overname, maar partijen verschillen van mening over de waarde van de woning.
De vrouw vordert in kort geding dat de man wordt veroordeeld tot medewerking aan de levering van de woning voor een bedrag van €187.000,- en ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek. De man verzet zich en stelt dat er geen spoedeisend belang is en dat een bodemprocedure passender is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het spoedeisend belang niet voldoende is aangetoond. De hypotheekofferte is weliswaar tijdelijk, maar er is geen financiële noodzaak of betalingsachterstand. Daarnaast is de waarde van de woning betwist en is nader feitenonderzoek nodig, wat niet past in een kort geding. Daarom worden de vorderingen van de vrouw afgewezen.
De man had een voorwaardelijke reconventionele vordering ingesteld voor een vergoeding, maar deze wordt afgewezen omdat de hoofdvordering wordt afgewezen. De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Vordering tot medewerking aan levering woning wordt afgewezen wegens ontbreken spoedeisend belang en noodzaak nader onderzoek.