Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
en/of
bil(len) van die [slachtoffer 1] en/of
[slachtoffer 2] en/of
buik van die [slachtoffer 2] ;
en/of (vervolgens) (be)geleiden van die [slachtoffer 3] naar een tafel en/of
[slachtoffer 4] te dwingen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen (te weten, het aanraken en/of betasten van de bil(len) en/of het omhelst/geknuffeld worden en/of het moeten kussen van verdachte).
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
als degene die werkzaam is in de gezondheidszorg, ontucht plegen met iemand die zich als patiënt aan zijn zorg heeft toevertrouwd;
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte zich voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarenschuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
[slachtoffer 1]van een bedrag van
€ 614,55 (zegge: zeshonderdveertien euro en vijfenvijftig cent), de materiële schade van € 14,55 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 juli 2017 en de immateriële schade van € 600,- te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 614,55 (zegge: zeshonderdveertien euro en vijfenvijftig cent), de materiële schade van € 14,55 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 juli 2017 en de immateriële schade van
12 dagenzal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;
[slachtoffer 4]van een bedrag van
€ 44,20 (zegge: vierenveertig euro en twintig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 maart 2017;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 44,20 (zegge: vierenveertig euro en twintig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf
1 dagzal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;
[slachtoffer 4]voor een deel van
€ 666,56 (zegge: zeshonderdzesenzestig euro en zesenvijftig cent) niet-ontvankelijkis in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.