Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
Zoals hiervoor vermeld, heeft de psycholoog geconcludeerd dat behandeling van verdachte uitsluitend binnen een TBS-maatregel met dwangverpleging kan plaatsvinden. De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat er geen grond is om deze maatregel aan verdachte op te leggen. Gelet op het bepaalde in artikel 37a, eerste lid, aanhef en onder 1º, Sr zouden uitsluitend de bewezenverklaarde bedreigingen hiervoor grondslag kunnen bieden. Ingevolge het vierde lid van voormelde bepaling dient bij het geven van een last tot terbeschikkingstelling onder meer de ernst van het begane feit of de veelvuldigheid van voorafgegane veroordelingen wegens misdrijf in aanmerking te worden genomen. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval de ernst van de bewezenverklaarde bedreigingen, mede in het licht van het ontbreken van eerdere veroordelingen, zich niet verhoudt met het opleggen van de TBS-maatregel met dwangverpleging. In dit kader acht de rechtbank ook van belang dat, volgens kort voor de terechtzitting verstrekte informatie van de GZ- psycholoog, het binnen de P.I. Zutphen de laatste weken beter gaat met verdachte, er anders dan voorheen geen conflicten meer zijn met medegedetineerden en van signalen van psychische decompensatie geen sprake is.
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
191 (honderdeenennegentig) dagen;