Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[eiser 1], te Lemelerveld, eiser,
[eiser 2], te Lemelerveld, eiser,
[eiser 3], te Lemelerveld, eiser,
Rechtbank Overijssel
Eisers verzochten de gemeente Dalfsen handhavend op te treden tegen vermeende milieurechtelijke overtredingen op een woonwagenlocatie waar autodemontageactiviteiten zouden plaatsvinden zonder vergunning. Verweerder stelde na meerdere controles dat er geen sprake was van een inrichting zoals bedoeld in de Wet milieubeheer en wees het handhavingsverzoek af.
Eisers voerden in beroep aan dat ook strijd met het bestemmingsplan en de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) aan de orde was, en dat het onderzoek van verweerder onzorgvuldig was omdat controles vooral op weekdagen plaatsvonden. De rechtbank oordeelde dat het handhavingsverzoek zich uitsluitend richtte op milieurechtelijke overtredingen en dat een uitbreiding tijdens bezwaar niet mogelijk is.
De rechtbank vond het onderzoek van verweerder voldoende, gelet op twintig onaangekondigde controles verspreid over meerdere maanden, en achtte de stellingen over onregelmatige controle niet aannemelijk. Ook was er geen sprake van een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, mede omdat de activiteiten eerder een hobby dan een bedrijfsmatige onderneming leken.
Daarom was handhavend optreden niet gerechtvaardigd en werd het beroep ongegrond verklaard. Verwijzingen naar geluidsoverlast en APV-bepalingen werden niet gevolgd wegens gebrek aan objectieve onderbouwing.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer en handhaving daarom niet mogelijk is.