Eiser, zoon van gedaagde, heeft herhaaldelijk kenbaar gemaakt geen contact te willen met zijn vader vanwege een traumatische jeugd en PTSS. Ondanks toezeggingen bleef gedaagde contact zoeken via brieven, e-mails en andere middelen, ook aan derden.
De rechtbank oordeelt dat dit contact een ernstige inbreuk vormt op de persoonlijke levenssfeer van eiser en leidt tot emotionele ontregeling. Ook het delen van informatie over de gezondheidstoestand van eiser met derden is onrechtmatig.
Gedaagde heeft toegezegd het contact te respecteren, maar heeft dit vaker niet kunnen waarmaken, wat de voortdurende onzekerheid en emotionele belasting voor eiser versterkt.
De rechtbank legt een contactverbod, gebiedsverbod voor een aantal straten rondom de woning van eiser en een verbod op uitlatingen over de gezondheidstoestand van eiser op, elk met een dwangsom bij overtreding, voor de duur van één jaar. Proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen.