Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
“tezamen en in vereniging gepleegd met een of meer anderen”en het
“meermalen schoppen tegen het hoofd”.
- het proces-verbaal van de terechtzitting van 30 augustus 2018, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte;
- het proces-verbaal van aangifte van 17 december 2017, pagina’s 149 tot en met 151;
- een geschrift zijnde een door de GGD Twente opgemaakt rapport (met bijlagen) d.d. 4 januari 2018, inhoudende een letselbeschrijving van het bij aangeefster geconstateerde letsel.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
300 (driehonderd) dagen;
100 (honderd) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd van drie jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardendat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 8.417,08,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 december 2017 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van
77 dagenzal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;