ECLI:NL:RBOVE:2018:4088
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak autoverhuurbedrijf en bestuurders wegens onvoldoende bewijs witwassen
In de zaak tegen een Tilburgs autoverhuurbedrijf en drie bestuurders werd hen witwassen ten laste gelegd, waarbij contante huurbetalingen door leden van een landelijke motorclub als illegaal geld werden beschouwd. De rechtbank onderzocht het strafrechtelijk dossier, inclusief contante stortingen, administratie en verbindingen met de motorclub.
De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende direct bewijs was dat de contante betalingen afkomstig waren uit misdrijven. Bovendien was onvoldoende onderzoek gedaan naar legale inkomsten van de huurders. Ook ontbrak het bewijs dat het autoverhuurbedrijf of haar bestuurders wisten of redelijkerwijs moesten vermoeden dat het geld uit criminele bronnen kwam.
Het beroep op niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie werd verworpen omdat de onschuldpresumptie niet werd geschonden. De rechtbank concludeerde dat de onderzoeksmiddelen rechtmatig waren ingezet en dat de betalingspatronen niet buiten het normale bedrijfspatroon vielen.
Daarom sprak de rechtbank het autoverhuurbedrijf en de bestuurders vrij van het ten laste gelegde witwassen. De uitspraak benadrukt dat een beperkte onderzoeksplicht geldt voor ondernemers en dat het enkel zakendoen met personen met criminele antecedenten niet automatisch leidt tot een veroordeling wegens witwassen.
Uitkomst: Verdachte autoverhuurbedrijf en bestuurders worden vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van witwassen.