ECLI:NL:RBOVE:2019:1878
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak stichting betrokkenheid hennepplantage en elektriciteitsdiefstal Nijverdal
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen een stichting uit Amsterdam die werd verdacht van het telen van een grote hoeveelheid hennepplanten en het stelen van elektriciteit in een pand te Nijverdal. De tenlastelegging omvatte zowel primair als subsidiair medeplichtigheid en het faciliteren van deze strafbare feiten.
Tijdens de openbare terechtzittingen op 2 juni 2017, 9 november 2017 en 20 mei 2019 werden de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. De officier van justitie vorderde veroordeling, terwijl de verdediging stelde dat er geen concreet bewijs was van strafbaar handelen door de stichting.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat de stichting betrokken was bij de hennepplantage of elektriciteitsdiefstal. Daarom sprak zij de stichting vrij van alle tenlastegelegde feiten. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd afgewezen wegens de vrijspraak, met de mededeling dat deze vordering civielrechtelijk kan worden voortgezet.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel te Almelo op 3 juni 2019.
Uitkomst: De rechtbank sprak de stichting vrij wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.