Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
mr. G. Steeghs en van hetgeen door verdachte en de raadsman mr. G.A.J. Purperhart, advocaat te Rotterdam, naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
6 november 2018 omstreeks 23.28 uur een gewapende overval te plegen op het [casino] [2] . Daarvoor moet, naast de vereiste opzet op het delict, worden vastgesteld dat er sprake is geweest van een begin van uitvoering. Daarvan is sprake op het moment dat de dader een bepaalde gedraging heeft verricht, die naar de uiterlijke verschijningsvorm is gericht op de voltooiing van het delict.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
14 januari 2019.
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
zestien maanden;
zes maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van drie jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van
rechtswegedat verdachte:
mr. E. Leentjes, rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.E. Martini, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2019. Mr. Leentjes is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.