ECLI:NL:RBOVE:2019:2888
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen handhavingsbesluit opslag windmolenonderdelen en verbouwing bedrijfswoning
Verzoeker heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente verzocht handhavend op te treden tegen de opslag van windmolenonderdelen en het verbouwen van een bijgebouw tot bedrijfswoning op een perceel. Het college wees dit verzoek op 31 juli 2019 af, waarna verzoeker bezwaar maakte en een voorlopige voorziening vroeg bij de voorzieningenrechter.
De voorzieningenrechter overwoog dat het bestemmingsplan de activiteiten niet toestaat en dat het college bevoegd is om handhavend op te treden. Echter is er een ontwerpbestemmingsplan in procedure dat deze activiteiten mogelijk zou maken, waardoor het college afziet van handhaving. Verzoeker betwist dat er concreet zicht is op legalisatie en stelt dat de opslag nadelig is voor zijn bedrijfsvoering en leefomgeving.
De voorzieningenrechter constateert dat verzoeker zijn bedrijfsactiviteiten op het perceel heeft gestaakt vanwege opzegging van de huurovereenkomst en dat de verbouwing van de woning sinds oktober 2018 stil ligt. Ook is er geen aantoonbare onaanvaardbare hinder of spoedeisend belang, mede omdat het zicht op de opslag beperkt is en milieugevaar niet is onderbouwd.
Gelet op het ontbreken van een spoedeisend belang is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het handhavingsbesluit is afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.