Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
(…) het verzoek om verbalisant [verbalisant] te horen als getuige wordt afgewezen. Het verzoek is getoetst aan het noodzakelijkheidscriterium en aan de vraag of het horen van deze getuige van belang is voor beantwoording van de vragen van artikel 348 en Pro 350 van het Wetboek van Strafvordering. Dat ziet de rechtbank niet. Datzelfde geldt voor het voegen van het proces-verbaal aan het dossier. Het onderzoek [onderzoek] is in de tijd eerder aangevangen dan de aanhouding van verdachte in Zutphen.”.