ECLI:NL:RBOVE:2019:4158
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Oosterveld
- W. F. Bijloo
- D. H. Harbers
- Rechtspraak.nl
Vaststelling op nihil van pgb Wlz en terugvordering na intrekking verlening
Eiseres ontving een persoonsgebonden budget (pgb) op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor zorgprofiel VV4. Na een administratief onderzoek en het niet voldoen aan verplichtingen werd het pgb over 2017 volledig ingetrokken en het betaalde bedrag van € 20.986 teruggevorderd.
Eiseres voerde aan dat zij slachtoffer was van een lopend fraudeonderzoek naar haar zorgverleners en dat de zorg kwalitatief goed was ontvangen. Zij stelde dat de verschillen tussen geplande en geleverde zorg niet relevant zijn voor de vaststelling van het pgb. Verweerder handhaafde het besluit tot terugvordering en stelde dat de administratie niet op orde was en dat er een ernstig vermoeden van fraude bestond.
De rechtbank oordeelde dat de intrekking van de subsidie reeds rechtsgeldig was en dat het ambtshalve vaststellen van het pgb op nihil overbodig was, maar niet onrechtmatig. De terugvordering van het onverschuldigd betaalde bedrag was gerechtvaardigd en niet onredelijk, ook niet gezien de belangenafweging. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het pgb wordt terecht op nihil vastgesteld met terugvordering van € 20.986.