Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2 december 2019.
mr. P. Koreman en van hetgeen door de raadsvrouw mr. I. Timmermans, advocaat te
's-Gravenhage, naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
€ 50.000, waardoor verdachte is vervolgd in strijd met de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude (hierna: de aanwijzing). In deze zaak is geen sprake van een uitzonderingsituatie zoals genoemd in de aanwijzing.
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
120 (honderdtwintig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
60 (zestig) dagen;
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.
mr. E.J.M. Bos, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I. Potgieter, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 16 december 2019.