ECLI:NL:RBOVE:2019:5030
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen en bezit munitie en jammer
De rechtbank Overijssel behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van witwassen van €19.500,- contant geld, het bezit van een patroonhouder, munitie en een jammer. Het contante geld werd aangetroffen in een postpakket dat verdachte op verzoek van haar partner ter verzending aanbood. Tijdens een doorzoeking in november 2016 werden de patroonhouder, munitie en jammer in de gezamenlijke woning aangetroffen.
De officier van justitie stelde dat verdachte wist dat het geld uit criminele bron afkomstig was en dat zij bewust de voorwerpen in huis had. De verdediging betoogde dat verdachte geen kennis had van het geld in het pakket en niets wist van de wapens en het jammer, die door haar partner waren gevonden en klaargelegd voor de politie.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte wist van het contante geld in het pakket. Ook was onvoldoende bewijs dat zij bewust de patroonhouder, munitie en jammer in huis had. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
De uitspraak werd gedaan op 31 oktober 2019 door een meervoudige kamer in Zwolle na meerdere zittingen sinds 2017.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van witwassen en bezit van munitie en jammer.