Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[schuldenaar] ,
Het procesverloop
De beoordeling
De voordracht van de rechter-commissaris:
Het standpunt van en namens [schuldenaar] :
Het standpunt van de bewindvoerder:
e overwegingen van de rechtbank:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel heeft op 20 augustus 2019 uitspraak gedaan over de tussentijdse beëindiging van een wettelijke schuldsaneringsregeling. De rechter-commissaris had voorgesteld de regeling te beëindigen vanwege het niet melden door de schuldenaar van inkomsten uit werkzaamheden onder de naam van een paardenbedrijf. Deze werkzaamheden werden door de schuldenaar als hobbymatig bestempeld, maar de rechtbank oordeelde dat er sprake was van beloning in contanten die niet aan de bewindvoerder was gemeld.
Tijdens de zitting verschenen zowel de schuldenaar als de beschermingsbewindvoerder. De schuldenaar erkende de activiteiten en inkomsten, maar stelde dat deze geen winst opleverden omdat de kosten gelijk waren aan de opbrengsten. De rechtbank vond dit niet aannemelijk vanwege het ontbreken van een boekhouding en het niet aangeven van inkomsten bij de belastingdienst. De bewindvoerder bevestigde dat zij niet op de hoogte was van deze activiteiten.
De rechtbank concludeerde dat de schuldenaar niet aan zijn inlichtingenplicht had voldaan en ook niet aan zijn verplichting om inkomsten aan de boedel af te dragen. Dit leidde tot benadeling van schuldeisers. Daarom werd de schuldsaneringsregeling beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 onder Pro c en d van de Faillissementswet en werd het faillissement van de schuldenaar uitgesproken, met benoeming van een curator en vaststelling van de vergoeding voor de bewindvoerder.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling en spreekt het faillissement uit wegens niet-melding en niet-afdracht van inkomsten.