Uitspraak
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
aangiften omzetbelasting over juli 2017
aangiften omzetbelasting over het 1e kwartaal 2017, april 2017, mei 2017 en juni 2017
Dat is [verdachte] 100%’. [getuige 1] heeft verder verklaard dat hij [naam 3] en [naam 4] niet kent. Hij heeft nooit van hun namen gehoord. Het verhaal van verdachte met betrekking tot de overdracht klopt volgens [getuige 1] niet. Het is gegaan zoals [getuige 1] heeft verklaard, aldus [getuige 1] . [getuige 1] had geen volmacht bij zich en [verdachte] had met geen woord over ene [naam 3] gesproken. Hij had ook niet zijn verbazing geuit toen [getuige 1] in plaats van [naam 3] kwam. [15]
- tot 29 augustus 2017 [getuige 3] (hierna: [getuige 3] ) en;
- na 29 augustus 2017 [getuige 4] (hierna: [getuige 4] ).
- het gaat om een handelen of nalaten van iemand die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon;
- de gedraging past in de normale bedrijfsvoering van de rechtspersoon;
- de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het uitgeoefende bedrijf;
- de rechtspersoon vermocht erover te beschikking of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard. Onder bedoeld aanvaarden is mede begrepen het niet betrachten van de zorg die in redelijkheid van de rechtspersoon kon worden gevergd met het oog op de voorkoming van de gedraging.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, gepleegd door een rechtspersoon, terwijl verdachte daaraan feitelijk leiding heeft gegeven, meermalen gepleegd;
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, gepleegd door een rechtspersoon, terwijl verdachte daaraan feitelijk leiding heeft gegeven.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, gepleegd door een rechtspersoon, terwijl verdachte daaraan feitelijk leiding heeft gegeven, meermalen gepleegd;
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, gepleegd door een rechtspersoon, terwijl verdachte daaraan feitelijk leiding heeft gegeven;
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
180 (honderdentachtig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
90 (negentig) dagen;