ECLI:NL:RBOVE:2020:1811
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Venekatte
- F.H.W. Teekman
- T.M. van Wanrooij
- Rechtspraak.nl
Voortzetting maatregel plaatsing inrichting stelselmatige daders vereist
De rechtbank Overijssel heeft op 25 mei 2020 in een zaak betreffende de voortzetting van een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders geoordeeld dat voortzetting noodzakelijk is. De maatregel was oorspronkelijk opgelegd voor twee jaar op 13 september 2018. De veroordeelde verzocht tussentijdse beoordeling van de noodzaak van voortzetting, waarop de rechtbank diverse verklaringen en adviezen van deskundigen en de directeur van de penitentiaire inrichting heeft betrokken.
Uit de rapportage en het verhandelde ter zitting blijkt dat de veroordeelde moeite heeft om abstinent te blijven binnen de beschermende omgeving van de PI en het ISD-traject. Zijn gedrag is wisselend en moeilijk stuurbaar, met een zorgwekkende houding en gebrek aan medewerking aan begeleiding en adviezen. De veroordeelde weigert mee te werken aan uitstroom naar begeleide woonvormen, wat het recidiverisico hoog houdt.
Deskundigen bevestigen dat de veroordeelde behoefte heeft aan duidelijkheid, structuur en perspectief, en dat zijn uitlatingen voortkomen uit onmacht en beperkte copingvaardigheden. Het nazorgtraject, inclusief de Libermanmodule en rouwverwerking, kan nog worden ingezet. De rechtbank concludeert dat het recidiverisico onverminderd aanwezig is en dat voortzetting van de maatregel noodzakelijk is om onveiligheid en overlast te voorkomen.
De rechtbank wijst het verzoek tot beëindiging af en beslist dat de tenuitvoerlegging van de maatregel wordt voortgezet. De beslissing is genomen door de meervoudige kamer bestaande uit drie rechters en is openbaar uitgesproken op 25 mei 2020.
Uitkomst: Voortzetting van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders is vereist vanwege het hoge recidiverisico en gebrek aan medewerking.