ECLI:NL:RBOVE:2020:2293
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- M.L.J. Koopmans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid opzegging maatschapsovereenkomst en gevolgen betalingsmedewerking
In deze zaak staat de rechtsgeldigheid van de opzegging van een maatschapsovereenkomst tussen partijen centraal, alsmede de gevolgen daarvan voor de voortzetting van de bedrijfsvoering en de financiële medewerking tussen partijen.
Partijen zijn het erover eens dat de samenwerking in het maatschapsverband is gestrand, maar verschillen van mening over de datum van opzegging en wie gerechtigd is de onderneming voort te zetten. De eiser heeft de maatschapsovereenkomst opgezegd tegen 1 januari 2020 en voert dat hij sindsdien alleen het varkensbedrijf runt, terwijl de gedaagde dit betwist en stelt dat de maatschap nog voortduurt.
De voorzieningenrechter acht het waarschijnlijk dat de bodemrechter de opzegging per 1 januari 2020 zal bevestigen. Echter, vanwege het ontbreken van financiële transparantie en het feit dat de eiser inkomsten buiten de maatschapsrekening houdt, wordt de gevorderde verplichte medewerking aan betalingen van die rekening door de gedaagde afgewezen. Beide partijen worden in het ongelijk gesteld in hun respectievelijke vorderingen, en de gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten in reconventie.
Uitkomst: De opzegging van de maatschapsovereenkomst per 1 januari 2020 wordt voorshands als rechtsgeldig beschouwd, maar de gevorderde medewerking aan betalingen wordt afgewezen vanwege gebrek aan financiële transparantie.