Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- het verzoekschrift
- de aangetekend verzonden maar onafgehaald retour ontvangen brieven aan [verweerder] op het door het OM aangegeven en nadien bevestigd adres te [plaats] van 29 juni 2020 en 13 juli 2020, ter toezending van het verzoekschrift, onder het verzoek om mede te delen of hij verweer wenst te voeren en de mededeling dat in het bevestigende geval een mondelinge behandeling zal worden bepaald
- de brieven van de griffier aan belanghebbenden van 29 juni 2020 waarin hen de gelegenheid is geboden om een zienswijze over het verzoek tot schorsing van [verweerder] als bestuurder van belanghebbenden naar voren te brengen
- de aangetekend verzonden maar onafgehaald retour ontvangen brieven aan Reke Holding B.V. 29 juni 2020 en 13 juli 2020
- de oproeping van het Openbaar Ministerie en belanghebbenden van 4 augustus 2020 voor de mondelinge behandeling op 19 november 2020
- de retour ontvangen aangetekend verzonden oproeping van Reke Holding B.V. en van Stichting LivingComfort
- de per gewone post verzonden oproeping van Reke Holding B.V. en van Stichting LivingComfort
- de betekening op 11 september 2020 door een Belgische gerechtsdeurwaarder aan het adres van [verweerder] te [plaats] van de oproeping van [verweerder] van 6 augustus 2020 om ter zitting van 19 november 2020 te verschijnen voor de mondelinge behandeling met toepassing van de EU-Betekeningsverordening (Verordening (EG) Nr. 1393/2007, blijkende uit de akte van afgifte van de Belgische gerechtsdeurwaarder van 11 september 2020
- de mondelinge behandeling op 19 november 2020
- de bij die gelegenheid door het Openbaar Ministerie voorgelezen en overgelegde aantekeningen t.b.v. de mondelinge behandeling
- de bij die gelegenheid door [X] voorgelezen en overgelegde pleitnota.