ECLI:NL:RBOVE:2020:538
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom en openbaarmaking rapport jeugdhulporganisatie
Een jeugdhulporganisatie werd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een last onder dwangsom opgelegd wegens het niet voldoen aan 14 normen en eisen uit een aanwijzing op grond van de Jeugdwet. De organisatie mocht geen nieuwe jeugdigen aannemen totdat zij aan deze normen voldeed, met een dwangsom van € 2000 per week tot een maximum van € 20.000.
Na een onaangekondigde inspectie door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) op 5 november 2019 bleek dat de organisatie nog steeds niet aan 11 van de 14 normen voldeed. De organisatie maakte bezwaar tegen het besluit en verzocht om voorlopige voorzieningen, waaronder het schorsen van de last onder dwangsom en het besluit tot openbaarmaking van het inspectierapport.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aanwijzing onherroepelijk was en dat de IGJ het toetsingskader correct had toegepast. De organisatie had onvoldoende weerlegging van de geconstateerde gebreken geleverd. Het opleggen van de last onder dwangsom en de openbaarmaking van het rapport waren daarom terecht. De verzoeken om voorlopige voorziening werden afgewezen.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter W.J.B. Cornelissen en is in het openbaar uitgesproken op 11 februari 2020. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af tegen de last onder dwangsom en de openbaarmaking van het inspectierapport.