Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
daadwerkelijkte duchten moet zijn geweest. Dit betekent dat het gevaar voor zwaar lichamelijk letsel ten tijde van het teweegbrengen van de ontploffing naar algemene ervaringsregels voorzienbaar moet zijn geweest. Van die vereiste voorzienbaarheid zal in de regel geen sprake zijn indien zich ten tijde van de ontploffing geen personen in de nabijheid bevonden. [1]
of omstreeks25 oktober 2020 te Vroomshoop, binnen de gemeente Twenterand,
althans in Nederland,
, in elk geval enig vuurwerk/explosief,aan te steken
/ontstekenen
/of(vervolgens
)dat aangestoken
/ontstoken stuk vuurwerk met knaleffect
, in elk geval enig
(voor
)deur van een woning, gelegen
op/aan de
/alwaardat stuk vuurwerk met knaleffect
, althans dat explosieftot ontploffing is
gekomen/gebracht en daarvan gemeen gevaar voor die ramen en
/ofkozijnen en
/ofdeuren en
/ofinboedel van die woning en
/of/althans die woning en/of aangrenzende/omliggende woningen en/of aldaar
)dieren aanwezig in die woning
, in elk geval gemeen
op/aan de [adres] en/of de bewoner(s) van de aangrenzende woning(en), in elk geval levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen,te duchten was.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
15 (vijftien) maanden;
5 (vijf) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarden niet zijn nagekomen:
algemene voorwaardedat de veroordeelde:
bijzondere voorwaardendat de veroordeelde:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 45,00,te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 25 oktober 2020 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 1 dag kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;