Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] en [eiseres] , te [woonplaats] , eisers,
Procesverloop
Overwegingen
AWB 20/1124
AWB 20/1125
Rechtbank Overijssel
Verweerder nam op 7 juni 2019 een verkeersbesluit om parkeerplaatsen voor vrachtwagens en bussen aan te wijzen op het bedrijventerrein te Genemuiden. Eisers maakten bezwaar tegen dit besluit en stelden verweerder meerdere malen in gebreke vanwege het niet tijdig beslissen op hun bezwaar. Verweerder trok het oorspronkelijke besluit in en nam op 27 november 2019 een nieuw verkeersbesluit.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bij het nemen van het verkeersbesluit een ruime beoordelingsmarge heeft en dat de belangenafweging redelijk is gemaakt. Eisers zijn voldoende betrokken geweest bij de besluitvorming, onder meer via een werkgroep en overlegmomenten. Het parkeeronderzoek, hoewel laat beschikbaar gesteld, heeft eisers niet benadeeld.
Ten aanzien van de dwangsommen stelt de rechtbank vast dat verweerder na het verstrijken van de beslistermijn onterecht een nieuwe termijn heeft gecreëerd door een nieuw besluit te nemen. Hierdoor verbeurt verweerder dwangsommen aan eisers tot een bedrag van €1.442. De rechtbank verklaart het beroep tegen het verkeersbesluit ongegrond, vernietigt het besluit over de dwangsommen, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eisers.
Uitkomst: Het verkeersbesluit wordt in stand gelaten, maar verweerder moet dwangsommen betalen en proceskosten vergoeden aan eisers.