Uitspraak
1.Het onderzoek op de terechtzitting
1 maart 2021.
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
parketnummer 84-267786-20 onder 1, 2, 3, en de onder parketnummer 84-299599-20 onder 1 tot en met 5 ten laste gelegde feiten heeft begaan.
feiten 1, 2 en 3)
opzettelijkdoor de verdachte zijn begaan.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
90 (negentig) uren enbeveelt, voor het geval dat verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht,
dat vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
45 dagen;
stillegging van de ondernemingvan de verdachte, waarin de economische delicten zijn gepleegd, voor de duur van
6 (zes) maanden;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 19 mei 2019 met parketnummer 18-671750-16 voorwaardelijk opgelegde straffen, te weten:
verklaarthet openbaar ministerie
niet ontvankelijkin de
vordering tenuitvoerleggingmet parketnummer 18-671750-20.
mr. J. Wentink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.M. van Westerlaak, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 15 maart 2021.