ECLI:NL:RBOVE:2021:1676
Rechtbank Overijssel
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in civiele huurzaken met hennepkwekerij
Verzoeker, rechthebbende in een kantonzaak over beëindiging van een huurovereenkomst vanwege een aangetroffen hennepkwekerij in zijn woning, diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die de zaak behandelde. Verzoeker stelde dat de rechter hem onheus had bejegend en onvoldoende gelegenheid had gegeven zijn standpunten naar voren te brengen, waardoor sprake zou zijn van partijdigheid en onprofessionaliteit.
De rechter ontkende de beschuldigingen en gaf aan dat het noodzakelijk was om inhoudelijk te spreken over de hennepkwekerij, terwijl verzoeker daar niet op wilde ingaan. De wrakingskamer behandelde het verzoek achter gesloten deuren via een Skypezitting, waarbij verzoeker en zijn bewindvoerder aanwezig waren.
De wrakingskamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er concrete feiten of omstandigheden zijn die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Klachten over de bejegening zijn niet voldoende om wraking te rechtvaardigen. Uit zittingsaantekeningen bleek dat verzoeker wel degelijk gelegenheid had gekregen zijn standpunt toe te lichten.
De wrakingskamer concludeerde dat de vrees voor partijdigheid niet objectief gerechtvaardigd was en wees het wrakingsverzoek af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.