Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
Rechtbank Overijssel
Eiseres, een administratieservice, heeft werkzaamheden verricht voor gedaagde op basis van een mondelinge overeenkomst. Na een periode in loondienst hervatte zij haar werkzaamheden via haar eenmanszaak. Eiseres factureerde een bedrag voor de periode 16 augustus tot 10 september 2018, maar gedaagde betaalde niet en betwistte een deel van de uren en stelde verrekening van kostenposten voor.
De rechtbank oordeelde dat de uren die gedaagde betwistte wegens summiere omschrijving of ziekte van eiseres niet volledig konden worden toegewezen; uren met onvoldoende onderbouwing werden wel geacht vast te staan. De uren tijdens ziekte werden niet toegewezen. Verrekening van kosten voor een spoedcursus boekhoudprogramma werd afgewezen omdat gedaagde geen uitleg aan eiseres had gevraagd, ondanks haar bereidheid. Andere kostenposten werden afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot betaling van € 2.497,29 plus wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten. Ook werden proceskosten en nakosten toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 2.497,29 plus wettelijke rente en incassokosten.