ECLI:NL:RBOVE:2021:1936
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opschorting ontruimingsvonnis wegens overlast in sociale huurwoning
De zaak betreft een kort geding waarin eiser, huurder van een sociale huurwoning, vordert dat de ontruiming van zijn woning wordt opgeschort totdat het hoger beroep is beslist. Welbions, de verhuurder, had bij de kantonrechter ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming gevorderd wegens ernstige overlast, welke vorderingen waren toegewezen en uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Eiser voert aan dat hij dakloos zal worden, geen financiële middelen heeft om te verhuizen, en dat er nieuwe feiten zijn zoals het plaatsen van bewakingscamera’s en de lockdown die de ontruiming bemoeilijken. Welbions stelt dat de belangenafweging door de kantonrechter juist is gemaakt en dat de nieuwe feiten geen reden zijn om af te wijken van het vonnis. Tevens wijst Welbions op de ernst van de overlast en het aanbod van vervangende woonruimte.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het spoedeisend belang aanwezig is, maar dat de kantonrechter de belangen van partijen gemotiveerd heeft afgewogen. Er is geen sprake van een kennelijke misslag en de nieuwe feiten rechtvaardigen geen afwijking van het eerdere vonnis. De vordering tot opschorting wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot opschorting van het ontruimingsvonnis wordt afgewezen en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.